Nachtelijke tocht van Perseus -2001
27-6-2001 - Nachtelijke tocht van Perseus
Acryl op doek 120 x 100 cm - 6/2001 - W. Kremer

Bijschrift: uit de Huiveringwekkende mythe van Perseus (door Imme Dros). Hoofdstuk 6.
Zonder hulp van een god vindt geen mens de weg naar het noorden achter de rug van de wind, want de wind waait er hoog en kent de mensen niet, de lucht is er ijl, het zicht heeft geen einde. Perseus begreep niet waarom het zo snel ging, want als het licht was trokken ze urenlang moeizaam door onherbergzame streken, leek het niet op te schieten, maar de volgende morgen waren ze tot zijn verbazing veel verder dan hij verwacht had. Als hij sliep pakte Hermes hem op met matras en al en vloog als een speer over ondoorwaadbaar diepe rivieren, woeste bergketens, brede zeeën en duistere bossen. En als de vroege, rozenvingerige Eoos te zien was voor het licht werd, ondekte Perseus bij het ontwaken steeds een onherkbaar landschap. Soms zei hij verwonderd: 'Hermes, toen ik ging slapen waren we toch in de bergen?'

Abonneer je ook gratis op ArtBreak en ontvang tweewekelijks een prikkel kunst via internet

vorige ArtBreakoverzicht ArtBreaks