INLEIDING Met veel plezier heb ik in Audio & Techniek no. 58 het artikel "Het einde van de toekomst" van L.E. Sixma gelezen. In dit artikel observeert hij bij jonge mensen een neerwaartse trend in de kwaliteit van auditieve perceptie, en concludeert dat meer aandacht voor auditieve training van jonge kinderen een voorwaarde is voor een reeele overlevingskans van het begrip 'high-end'. Ik denk echter dat er meer aan de hand is, en dat de oplossing zo simpel niet is. Lees verder! HIGH-END De term 'high-end' impliceert dat er zoiets zou bestaan als 'betere' of zelfs 'beste' audio apparatuur. Dat behoeft naar mijn idee behoorlijk wat nuancering. Sixma constateert dat high-end voor iedereen iets anders kan betekenen, en vraagt zich af of er een hanteerbare normering valt te formuleren. Hij geeft naar mijn idee met zijn eigen omschrijving een redelijk goede schop in de richting (het waarnemen/beleven van een geluidsbeeld met dusdanige kwaliteiten, dat de veroorzakers van het geluidsbeeld op zich niet meer isoleerbaar zijn, dan wel niet meer relevant voor de waarneming/beleving), maar sluit hiermee zaken uit die naar mijn idee high-end juist zo bijzonder maakt. Ikzelf hanteer daarom een iets andere omschrijving voor high-end, nl. datgene wat in staat is de meerwaarde van muziek in de vorm van emoties naar de luisteraar toe over te brengen, zodat deze zich op een of andere manier betrokken voelt bij de gereproduceerde uitvoering. Sterker nog, mijn mening is dat de term 'betrokkenheid' een cruciale rol speelt bij het omschrijven wat high-end nu zo bijzonder maakt. Naar mijn idee concentreert de formulering van Sixma zich teveel op de termen relevantie of isolatie, zonder daarbij de context aan te geven. Dat wordt daarmee door menigeen vertaalt naar 'natuurgetrouwe weergave' of 'zo dicht mogelijk bij het orgineel', en dat is naar mijn idee onjuist. Laat ik dat proberen te illustreren met de Nachtwacht van Rembrand. Rembrand gebruikt zijn schilderkunst om bepaalde aspecten van het scenario te benadrukken, bijv. de lichtval, de gelaatsuitdrukkingen, de sfeer etc. Deze zaken zijn ondanks dat ze niet natuurgetrouw weergegeven zijn juist relevant voor een bepaalde beleving van het gerepresenteerde scenario. Ondanks dat het schilderij het orginele scenario niet helemaal correct weergeeft, zal het voor vele mensen de voorkeur krijgen boven een foto van hetzelfde scenario, welke naar alle waarschijnlijkheid een natuurgetrouwere weergave is in termen van belichting, scherpte, contrast etc. etc. Maar laten we vooral niet vergeten dat ook de foto slechts een afspiegeling is van de werkelijkheid, en dat het niet kan meten. Ook audio levert door al z'n beperkingen slechts een afspiegeling van de werkelijkheid. Een (bepaalde) weergave legt bepaalde accenten en kan bij de luisteraar meer emotie oproepen dan bij een andere soort weergave (waaronder zelfs de orginele uitvoering!). Het is dus verkeerd om de term 'beter' toe te passen, zonder de bijbehorende context te kennen of aan te geven. Nuancering is op zijn plaats!! HET LEERPROCES EN SNOBISME, EEN GEDWONGEN HUWELIJK? Aangezien betrokkenheid een kwestie is van persoonlijke smaak (en dus prioriteiten), is het per definitie puur subjectief. Dat sluit niet uit dat men zich persoonlijk kan vormen, en daardoor net zoals met bijv. wijn proeven een groter draagvlak aan kennis kan creeeren. Dit leeraspect is echter geen voorwaarde voor een uitgesproken of zelfs gebalanceerde smaak! Iemand kan bijv. met goed recht intens genieten van een wijntje van f 4.95, of van een Yoko CD speler van een paar tientjes. Van mensen die een hoop audio ervaring rijker zijn zou je verwachten dat ze een generieke ontwikkeling hebben doorgemaakt. Helaas valt dat vies tegen. De meeste mensen laten zich (misschien niet helemaal onterecht) leiden door hun eigen smaak, en het draagvlak wat ze creeeren is eigenlijk helemaal niet of slechts deels toepasbaar of relevant voor andere personen. Het draagvlak is dus helemaal niet zo breed. De meningen worden juist eerder uitgesprokener, men voelt zich deel van een soort elite, waarbij men zich gaat zich afzetten tegen het 'gewone volk'. En dat wordt nog vaak als een goede eigenschap beschouwd ook nog. En dat brengt me op een van de centrale punten in dit betoog: snobisme. De mate van absolutisme en uitgesproken meningen in high-end land is ronduit irritant. De hifi-bladen, de handelaren, de 'autoriteiten', de vrienden, de advertenties, allemaal weten ze het beter, en allemaal worden we met het opgeheven vingertje belerend toegesproken over wat er allemaal goed en slecht is. Men heeft kennelijk niet het vermogen om te nuanceren, en om de zaken in de juiste context te bezien. Ik durf het zelfs een gebrek aan voorstellingsvermogen te noemen. Waarom zou een apparaat wat je zelf niet direkt mooi vind klinken niet high-end kunnen zijn? Wat is nu de voorwaarde opdat een apparaat high-end genoemd kan worden? Het aantal mensen wat zo'n apparaat mooi vindt klinken? Het soort mensen wat zo'n apparaat mooi vinden klinken? Wat je ook voor een criteria neemt, het omschrijven van high-end vergt nuancering, en dus veel tijd of pagina's, en die zijn veelal niet voorradig (ik zie liever 4 pagina's aan een enkel audio apparaat besteed worden, dan 4 apparaten die op 1 pagina besproken/vergeleken worden). In de realiteit zien we helaas eerder het tegenovergestelde gebeuren. IS AUDITIEVE VORMING RELEVANT? Ook Sixma haalt het belang van het leerproces van stal, en concentreert zich op de auditieve ontwikkeling van jonge mensen. Hij constateert een drastische verslechtering m.b.t. het auditief funktioneren van kinderen, en legt in zijn artikel een direkt relatie waarom dit alles leidt tot een verkettering van het hele 'high-end' gebeuren. Eerlijk gezegd heb ik het idee dat oorzaak en gevolg hier door elkaar heen gehaald worden. Ik denk namelijk eerder dat het slechter auditief funktioneren een van de vele gevolgen is van het feit dat mensen zich in de huidige maatschappij veel meer visueel ontwikkelen (zowel in het onderwijs als thuis, denk aan de computer en de TV). Bovendien ontvangen mensen in de huidige snelle informatie technologische maatschappij een overkill aan informatie, en men voelt zich genoodzaakt om (relevante) informatie te filteren. Indien Sixma bij zijn vraag om ONDER de stoel te gaan zitten vooraf fl 100,- had beloofd indien de persoon goed zou luisteren, dan had de uitkomst van het experiment wel eens anders kunnen zijn. Simpelweg een kwestie van triggeren of interesseren dus. Ik geloof eerlijk gezegd niet dat een slechte auditieve ontwikkeling op zich staat, en al helemaal niet dat een auditieve scholing op jonge leeftijd daar verandering in kan brengen, zoals Sixma beweert. Hoe goed de muziekleraar op mijn middelbare school zijn best ook deed, hij kreeg destijds niemand geintresseerd voor klassieke muziek. Zoiets dwing je niet af bij een groep kinderen, die op dat moment hele andere interessen hebben. De interesse voor dit soort zaken kan gestimuleerd worden, maar dan wel op de juiste manier en op het juiste moment. Juist daar dient onderzoek naar gedaan te worden, en daar liggen volgens mij de uitdagingen, i.p.v. botweg het heil in auditieve trainingen te zoeken. Waarom blijven bijvoorbeeld muzikale vorming buiten beschouwing? Zouden deze niet meer effect sorteren? Een ander belangrijk aspect is dat ook de term 'betrokkenheid' veelal een andere invulling krijgt als dat 'wij' gewend zijn. Neem als voorbeeld 'lekker hakkuh' muziek, waarbij de toegevoegde waarde van de muziek niet zozeer de muziek an sich is, maar het erdoor in trance raken. Het is een tendens die zich misschien verder door gaat zetten in de maatschappij, en levert alleen maar meer verschillende invalshoeken t.a.v. het begrip betrokkenheid op. Buiten zaken die direkt met perceptie te maken hebben (computer, video, audio), zien we ook een verplaatsing van interessen naar zaken zoals verre reizen, anders eten, design meubelen, en wat nog allemaal meer. Ik denk dat we moeten constateren dat de 'high-end' audio er simpelweg een aantal concurrenten bij heeft gekregen! Geef bijv. iemand fl. 5000,- mee, en vraag of men het aan een audio installatie, een computer of een verre reis gaat besteden. Het antwoord laat zich wel raden. Dat wil niet perse zeggen dat high-end audio minder interessant geworden is (alhoewel mijn mening daarover anders is), maar er is sprake van andere gebieden die interessanter zijn geworden, of die zich meer profileren t.o.v. de high-end. Concluderend moet je je niet alleen blind staren op de uitkomst van een auditief onderzoek, maar juist verder kijken naar andere culturele aspecten. We zouden ons binnen deze context eens kunnen afvragen of de huidige 'high-end' cultuur er wel zo uitnodigend eruit ziet... DE CULTUUR VAN DE HIGH-END De meerwaarde van de high-end schuilt hem in het betrokken raken bij een muziek uitvoering. Daar is wat meer voor nodig dan in een stoffig hoekje wat metalen dozen met knoppen op te stapelen, en de 'Jazz at the Pawnshop' CD af te raggen. Om iemand te doen ervaren wat high-end is, moet je goed luisteren naar waar de prioriteiten van iemand liggen, en hoe zich dat vertaalt naar betrokkenheid van die persoon. Dat vereist juist een luisterend oor, en het open staan voor andere meningen dan die van jezelf. En daar schort het nogal eens aan binnen de wereld van de high-end. Ten eerste heb je te maken met de grote mate van snobisme, wat al eerder genoemd is. Snobisten luisteren veelal liever naar zichzelf dan naar anderen, en dat is nu juist een slechte eigenschap om iemand geintresseerd te krijgen (mits iemand op zoek is naar een 'guru' bij gebrek aan een eigen mening, emotie of betrokkenheidsgevoel). Ten tweede, die belachelijke prijzen. Een Ensemble Reference klinkt naar mijn mening heel mooi, maar als ik zie dat ik zo'n fl. 9000,- moet betalen voor een monitor speakertje met relatief weinig materiaalkosten, welke mij slechts een partiele oplossing biedt (weinig bas) dan voel ik me daar niet zo door aangetrokken. Een kabel die honderden guldens per meter kost zou best wel eens beter kunnen klinken, maar staat in geen verhouding tot de geleverde prestaties. Audio moet echt wel je passie zijn om deze exhorbitante bedragen te besteden. En echt waardevast zijn de meeste spullen ook niet. Ten derde heeft de high-end audio nogal eens last van oeverloos technisch gezwets. Een bepaalde waarneming wordt omringd met technische stellingen die met een beetje technische achtergrondkennis of literatuuronderzoek makkelijk te weerleggen zijn, of die op zijn minst wat technische onderzoek of nuancering vereisen. Zo wordt het zogeheten placebo effect totaal genegeerd, ondanks het feit dat deze in de medische wetenschap reeds jaren succesvol toegepast is. Men zou zich eens wat meer druk mogen maken of een bepaalde waarneming wel correct of herhaalbaar is. En zelfs ervan uitgaande dat een waarneming correct is, dan nog worden we verrast met een groot scala aan technische flauwekul. Er zijn diverse testen bekend waarbij LPs opgenomen op DAT recorders niet meer van elkaar te onderscheiden zijn. Hoezo zou digitaal in technische zin inferieur aan analoog zijn? Waarom zouden er niet bepaalde vervormings componenten in de schakel van het maken tot het weergeven van LPs een rol spelen? Waarom mogen we dat niet simpelweg mooier vinden? Waarom zou minder vervorming per definitie beter zijn? Ik zou hier nogmaals willen referen aan de Nachtwacht van Rembrand. Maar, waarom moeten we nu iedere keer weer lastig gevallen worden met verhalen waarbij bijv. het 'opsnijden' van analoge signalen de muzikaliteit 'verstoort'. De auteurs van dit soort quasi wetenschappelijke redeneringen onstijgen het gemiddeld niveau van wasmiddel-reclames niet. Indien een wetenschappelijke stelling wordt geponeerd, dan moet deze aantoonbaar zijn, en moet deze ook binnen de context waarin de stelling geponeerd wordt (op een juiste manier) getoetst worden. Ook de audiobladen maken zich hier veelal schuldig aan. Neem nu bijv. de Musical Fidelity X10-D, besproken in A&T 58. Een heel verhaal over de uitgangs impedantie van CD spelers, maar nergens de (JUISTE!!!) berekening of meting die deze zaken vertaalt naar bijv. fase, amplitude, vervorming, ruis of wat dan ook. Kennelijk is men in staat om impedantie mismatches tot een 'enorm' probleem te bombarderen, maar niet om aan te tonen hoe zich dat vertaalt naar eufonische begrippen in het uiteindelijke uitgangs signaal. Bovendien wordt met geen woorden gerept over de vervorming die zo'n apparaat introduceert, en hoe het effect van deze in verhouding staat tot de impedantie mismatches, om maar een willekeurig item te noemen. De vraag is dus in hoeverre bepaalde technische issues een beduidende rol spelen m.b.t. wat we waarnemen, en daar is wat meer verhaal voor nodig dan in zo'n artikel. Gelukkig vermeldt de auteur dat het apparaat erg mooi klinkt, en dat dit het meeste van belang is, en daar kan ik het van harte mee eens zijn! Sommige mensen klampen zich vol overtuiging aan bepaalde theorieen vast, en zijn daar vaak moeilijk vanaf te brengen. Zelfs al zijn de gevoerde argumenten bewijsbaar incorrect, niet herhaalbaar of totaal niet van toepassing, dan nog wringt men zich in allerlei bochten om gezichtsverlies te voorkomen. Het lijkt trouwens wel of sinds de komst van de CD speler dit verschijnsel steeds sterker is geworden. Tegenwoordig wordt een goede installatie gevormd door groene randjes op de CDs, special gewonden kabels, natuurgezuiverde spikes, dempingsringen onder de versterker en wat allemaal niet meer. Als je dan naar overige zaken kijkt (kale betonnen wanden, een speaker in een hoek, de ander midden in een huiskamer etc. etc.), dan snap ik eerlijk gezegd niet waar de mensen mee bezig zijn... En ik zal vast niet de enige zijn. Tot slot vraag ik me wel eens af hoeveel high-enders naar muziek luisteren i.p.v. naar geluid. Het valt me vaak op dat er duizenden guldens besteed worden aan de installatie, en dat er slechts een schamele 10 CDs naast staat. Laat staan dat men concerten bezoekt, om daar te horen dat er een groot scala aan violen bestaat, elk met hun eigen klank, en dat er niet zoiets is als DE viool. Over een breed draagvlak gesproken... HET DOEL VAN DE HIGH-END Waarom kunnen we om te beginnen niet eens gewoon accepteren dat bepaalde waarnemingen waarbij we ons meer betrokken voelen wel degelijk kunnen correleren met een 'slecht' gedimensioneerde technische parameter. Het doel van de wetenschap zou juist moeten zijn om te onderzoeken hoe onze perceptie in relatie staat met de techniek, en hoe we op een herhaalbare manier bepaalde zaken in een ontwerp kunnen optimaliseren. Is het nou belangrijk of er sprake is van meer of minder vervorming, meer of minder bitten, digitaal of analoog etc. etc.? Het maakt volgens mij allemaal geen bal uit, als je het maar in de juiste context plaatst, en weet hoe je ermee moet ontwerpen om een bepaald effect te bereiken. De puur technische wetenschapper is vaak geneigd om bepaalde technische uitgangspunten heilig te verklaren (bijv. harmonische vervorming), en alles in het werk stellen om zo'n parameter te optimaliseren. Hoe dat in verhouding staat met het begrip betrokkenheid, en of hier geen concessies gedaan worden t.a.v. andere ontwerp parameters is kennelijk van ondergeschikt belang. Deze groep mensen claimt dat het zo exact mogelijk weergeven van 'de informatie op de CD' het ultieme doel is. Wat is dat in 's hemelsnaam, 'de informatie op de CD'? Ga dat maar eens karakteriseren als het over zaken als 'emotie' en 'betrokkenheid' gaat! Apparatuur maken met weinig harmonische vervorming is geen kunst, maar is geen garantie dat we ons meer betrokken bij de weergegeven muziek gaan voelen. In dat opzicht slaat menig technicus nog wel eens de plank mis, mede omdat hij zich niet op een gebied durft te bevinden waar zaken zo moeilijk te kwantificeren (en te adverteren!!!) zijn! Een ander uiterste wordt gevormd door mensen die wel vanuit het begrip betrokkenheid ontwerpen, echter technische onjuiste redeneringen, of complete bullshit gebruiken om hun ontwerp filosofie aan de man te brengen. Hypothesen worden onbewezen tot waarheden verheven, en oh wee als je ook maar durft te twijfelen, dan snap je er niets meer van en hoor je er niet meer bij, muiterij!! Het eindresultaat is veelal een scenario waarin twee partijen, elk met een deel aan onontbeerlijke kennis om goede high-end audio te bouwen, weigeren elkaar serieus te nemen. En het is deze impasse die naar mijn idee ervoor zorgt dat de high-end audio zichzelf belachelijk maakt bij het grote publiek. Ik wil overigens niet zeggen dat er geen mensen bestaan waarbij de high-ender en de techneut in een enkele persoon verenigd zijn. Maar het zijn helaas uitzonderingen. Het LP versus CD scenario is daar een duidelijk voorbeeld van. De high-ender wil maar niet toegeven dat de LP op zowat alle technische aspecten (bandbreedte, ruis, kanaalscheiding, fase en amplitude response, vervorming, tikken, krassen) inferieur is aan de CD speler. Allerlei pseudo technische redeneringen worden aangevoerd om deze begrippen binnen de context van de LP op te waarderen. Aan de andere kant heb je de techneut, die maar niet wil onderkennen dat voor bepaalde instanties de LP 'beter' kan klinken dan de CD voor een groot scala aan mensen, en dat ze daar gegronde en goede redenen voor hebben. CONCLUSIES Wat valt er uit dit verhaal te concluderen? Ten eerste dat de afnemende interesse voor high-end niet alleen te verklaren is door een afnemende auditieve eigenschappen van mensen. DIt is eerder het gevolg voor het feit dat mensen zich meer en meer gaan interesseren voor andere zaken, die slechts beperkte of andere eigenschappen van onze perceptie vereisen. Als je het dan al over betrokkenheid wilt hebben, dan moet je je niet concentreren op eerste orde perceptieve (i.h.b. auditieve) vaardigheden, maar juist op de hogere orde perceptieve vaardigheden (waarvoor naar mijn idee de eerste orde vaardigheid geen noodzaak is, denk maar aan een stokoude halfdove musicus). Het is niet een discussie over het waarnemen van een performance, maar over het waarnemen van en het interesseren voor de toegevoegde waardes daarvan. In een cultuur waarin Sky Radio bij de gemiddelde mens voor 'de betere muziek' staat, vrees ik dat het bewustzijn daarvan niet zo goed in onze maatschappij doordringt... Ten tweede is de high-end niet echt toegankelijk voor 'normale mensen'. Het vereist een behoorlijk budget, en je wordt geconfronteerd met de meest extreme stellingen, waardoor duidelijkheid vaak te wensen overlaat. En leer dan uit het aanbod het kaf maar eens van het koren te scheiden, zeker als je daar niet bedreven in bent. In zo'n situatie ga je geen duizenden guldens spenderen. Dit tezamen heeft de afgelopen jaren nogal wat invloed gehad op het huidige high-end aanbod. Er verschijnen steeds meer oninteressante dozen met knoppen, die vooral verkocht worden vanwege de verhalen die eromheen verteld worden. Misschien leuk voor een select gezelschap geintresseerden, maar volstrek oninteressant voor het grote publiek. Eerlijk gezegd is dit o.a. voor mij en enkele vrienden de reden geweest om te 'vluchten' in de zelfbouw. Dat heeft geresulteerd in een groep mensen, met een grote diversiteit aan expertise, invalshoeken, meningen en interessen. We proberen hier een harmonie te creeeren tussen het begrip betrokkenheid en onze technische expertise. En ik kan U verzekeren dat dit heel wat vurige discussies oplevert, met als resultaat vele fantastische avonden met vele ideeen en implementaties daarvan. En dit is waar het met de high-end naar toe gaat, een cultuur bestaande uit groepjes van mensen met hun eigen zoektocht naar 'betrokkenheid'. Rest mij de vraag, moeten we daarover treuren? Marc Heijligers