Rozengal



In een aangewaaide wilde roos (geen egelantier) zag ik ineens een oranjerozige bal. Ik had er nog nooit een eerder 'in het echt' gezien, maar wist onmiddelijk wat het was. Een rozengal. De latijnse naam is diplolepis rosae. Synoniemen zijn onder andere mosgal, bedeguaargal (vreemde naam?) en slaapappelgal.

De mosgal wordt veroorzaakt door een galwespje (de galmaker) en komt alleen voor op wilde rozen. Het is een bol geheel bedekt met lange vertakte haarachtige uitgroeisels, groen of rood. Meestal groeien de gallen uit pasuitgelopen bladeren en bevinden zich dan op de uiteinden van de takken. Dit worden de grootste gallen, tot een doorsnede van 5 cm. Soms groeien gallen op de bladeren, dan blijven ze veel kleiner.

Op onze foto's zie je een grote gal, zo'n 3 cm groot, en een paar kleine gallen op een blad ernaast.



Binnenin bevinden zich meerder kleine kamertjes, waarin de larven van het galwespje opgroeien. De galwesp legt in mei eitjes. Tegen het eind van de zomer verpoppen de galwespen om dan volgend voorjaar uit te komen. De gal is niet schadelijk voor de plant.

Gepost: Zo - Juli 20, 2008 om 09:42 PM          


©