Niet-digitale lifehacks

22 MINUTEN


Elke school heeft een eigen vergadercultuur. Vaak efficiënt, soms wat minder. Zelf mis ik heel wat vergaderingen, omdat er meerdere tegelijkertijd plaatsvinden. Maar daar gaat het nu niet over. De vergaderingen zelf verlopen redelijk vlot bij ons, maar er is, zoals bij bijna alles, altijd ruimte voor verbetering. Voor inspiratie, klik op de afbeelding...

Afbeelding 1




POWERNAPPEN


Slecht geslapen? Weinig energie? Iedere leerkracht maakt het wel mee: je bent moe, maar de dag is nog lang niet voorbij. Iedereen verwacht echter dat je straks even fris en vrolijk daar vooraan schitterende, pedagogische pareltjes van lessen geeft. De vermoeidheid kan soms echter hard toeslaan, zeker tijdens de springuren. Je kan die springuren gebruiken om nog wat taken en toetsen te verbeteren, of om nog wat praktische zaken te regelen met de collega's, of om bij te kletsen, maar je kan ze ook gebruiken om even 'op te laden'. Ik doe regelmatig een dutje in
mijn wagen, meestal op vrijdagvoormiddag. Twee springuren waarin ik de vermoeidheid van de voorbije week van me af kan schudden en even kan wegdromen over het fantastische weekend dat ik tegemoet ga. Vroeger noemden ze dat een dutje, nu heet het een powernap. Je kan er smalend over doen, maar het werd aangetoond dat zulke dutjes positieve effecten hebben op de gezondheid. Het zou ook je creativiteit, je alertheid en je productiviteit verhogen. Het lijkt me geen slecht idee om op elke school een knusse zetel te voorzien voor vermoeide leerkrachten, ergens achteraan in het gebouw, waar niemand je kan storen... Ik weet hoe het klinkt, maar ik weet ook hoe het voelt. Zalig!

Onlangs vond ik
dit artikel van Stefan Knapen op www.lifehacking.nl. Je kan er heel wat interessante dingen lezen over 'de powernap'. Geen tijd of zin om een heel artikel door te nemen? Misschien neem je dan wel genoegen met deze vijf tips:

  • Drink een kopje koffie (optioneel). De caffeïne zal pas na 20 minuutjes gaan werken, wat precies lang genoeg is voor een powernap. De caffeïne zal dus gaan werken op het moment dat jij wakker moet worden!
  • Zet je wekker ongeveer 20 minuutjes vooruit. Val je snel in slaap, dan is 20 minuutjes genoeg, als je lang doet over in slaap vallen is 25 minuten ook goed. Je valt ongeveer 5-10 minuten nadat je gaat liggen in slaap en de ideale slaaptijd is 10 minuten, daar moet je vanuit gaan.
  • Ga in bed liggen, met je kleren aan. Houd je kleren aan als je op bed gaat liggen, dit verlaagt de drempel om na de powernap weer uit bed te komen. Probeer ook in bed te gaan liggen, in plaats van achterover in een stoel te gaan hangen, omdat je horizontaal beter slaapt.
  • Gaat de wekker? Ga eruit. Geen twijfel, eruit. Je moet gelijk uit bed stappen als je wekker gaat, eventjes de snooze knop indrukken is fataal, je gaat dan een andere slaapfase in en je nachtrust zal erdoor verstoord worden. Ook wordt het daarna alleen maar lastiger om uit bed te komen!
  • Ga aan je taak. Loop nog eventjes rond, drink wat water of een kop thee en begin aan je taak. Je zal je productiever voelen en je kan je waarschijnlijk beter concentreren.

P1000502




PERFOREER


Sommige lifehacks zijn zo voor de hand liggend dat we ze soms over het hoofd zien. Deze lifehack komt bijvoorbeeld sowieso aan bod tijdens elke lerarenopleiding, maar het wordt in de praktijk blijkbaar vaak vergeten. Als G.On-begeleider krijg ik een heleboel cursussen van andere leerkrachten te zien. De meeste leerkrachten werken met werkboeken die op voorhand netjes geperforeerd zijn. Andere leerkrachten werken vooral met eigen cursussen die in het begin van het schooljaar netjes in de mappen van de leerlingen zitten. Tijdens het schooljaar komen daar echter heel wat bladen bij: toetsen, taken, uitbreidingen, losse teksten, kladblaadjes, schema's, enzovoort.

Bij sommige G.On-leerlingen moeten we de cursussen wekelijks weer netjes op orde brengen. Sommige leerlingen met bijvoorbeeld dyspraxie gaan zo wanordelijk te werk dat de blaadjes werkelijk overal terechtkomen: in andere mappen of los in de boekentas, in hun kastje of thuis op de vloer. Dat is niet alleen problematisch voor hen, maar ook voor de leerkrachten. Daar proberen G.On-begeleiders dan aan te werken, maar ik merk vaak dat de blaadjes die dan niet op hun plaats zitten meestal niet geperforeerd zijn. Ik merk het niet alleen bij sommige G.On-leerlingen, maar ook bij mijn 'gewone' leerlingen. Hoe vaak hoor je het niet als leerkracht? "Meneer, ik vind dat blaadje niet meer." Wanneer ze het niet vinden, dan moet er een oplossing worden gezocht: extra kopieën maken of het via e-mail versturen, de ene leerling moet dan met een andere leerling mee de cursus volgen, misschien zelfs een nota schrijven, enzovoort.

De leerlingen verliezen blaadjes vaak uit het oog wanneer ze die niet meteen vast in hun map kunnen steken. Het leidt dan tot tijdverlies en frustraties aan beide kanten. Ik ben ervan overtuigd dat je de frequentie van zulke zaken gemakkelijk kan verlagen door er een gewoonte van te maken alle blaadjes die je hen geeft zélf te perforeren, onmiddellijk nadat je ze hebt afgedrukt. Als je ze het zelf laat doen, dan kunnen er een heleboel dingen verkeerd lopen. Als je het zelf doet, dan heb jij het in de hand. Nog een voordeel: als je het doet, dan hoeven die perforators niet constant te worden doorgegeven tijdens de lessen.

Heel simpel dus: een perforator naast de printers thuis en op school én een grote perforator naast de kopieermachine op school. Maak er een gewoonte van om alles meteen te perforeren en bespaar jezelf en je leerlingen op die manier heel wat tijd- en energieverlies. Je wist dat waarschijnlijk al, maar het kan voor sommigen zeker geen kwaad om er eens aan te worden herinnerd.

perforator lifehack


PERMANENTE STIFT OP WIT BORD VERWIJDEREN


Het is al eens aan bod gekomen, maar dit filmpje toont dat het echt wel werkt!




DE VERHUISMAP


Vorig jaar voerde ik
een kleinschalig onderzoek uit naar de inhoud van de boekentassen van leerkrachten. In de top drie stonden een agenda, een map met alle actuele zaken en belangrijke papieren, en werkblaadjes en voorbereidingen. Sommige leerkrachten torsten kilo's, andere deden het met minder.

"Een goede truc is om een kleine boekentas te kopen. Hoe kleiner die is, hoe minder erin kan, hoe creatiever je moet denken. In de mijne past alleen mijn map, mijn notitieblokje en een kleine agenda. Meer heb ik niet nodig. (...) Vroeger had ik een valies die ik regelmatig moest uitmesten. Daar kwamen dan kilo’s papier uit."


Nu, een jaar later, merk ik dat er op een doordeweekse lesdag slechts twee zaken in mijn rugzak zitten: een verhuismap en mijn laptop. Mijn iPhone is mijn agenda en organisatie-instrument en aan één balpen heb ik genoeg. Ik vermoed dat als ik een eigen vast lokaal zou hebben, ik behalve mijn laptop waarschijnlijk niets meer naar huis zou nemen, maar alles op school zou doen. Dat is echter toekomstmuziek. Voorlopig heb ik genoeg aan die ene verhuismap. Wat zit daar nu allemaal in?

  • Een plastic insteekmapje 'in', voor alles wat die dag binnenkomt en nog 'verwerkt' moet worden: archiveren, acties tijdelijk parkeren die me minder dan twee minuten kosten en ik alleen thuis kan doen, zaken weggooien, acties in contextgebonden lijstjes of in mijn 'Wachten op'-lijstje planten, nieuwe projecten die nog moeten worden uitgewerkt, dingen waar ik nog niet over wil nadenken, alles (behalve verbeterwerk)! Het eerste wat ik doe wanneer ik thuis begin te werken is de inhoud van dat mapje in mijn hoofdstuffbakje op mijn bureau leggen. Alles blijft daar tot ik beslis dat ik dat stuffbakje wil leegmaken. Dat gebeurt meestal dagelijks. Wanneer ik beslis om de inhoud van dat stuffbakje te verwerken, doe ik het meteen goed: ik stop niet tot het leeg is.
  • Een plastic insteekmapje 'out', voor alles wat ik binnenkort aan collega's moet bezorgen. Dat gaat van brieven tot zelfgeschreven verslagen, van formulieren tot cd's en dvd's. Die blijven in mijn bakje 'out' in mijn werkkamer tot kort voor ik het aan de ontvanger kan bezorgen. Elke avond voor ik stop met werken check ik dat bakje en ga ik na wanneer ik de respectieve ontvangers zal zien of wanneer ik de gelegenheid zal hebben om het op een andere manier aan hen te bezorgen. Is dat binnenkort, dan verdwijnt het in mijn insteekmapje 'out'. Als het te groot is, gaat het gewoon in mijn rugzak. Eenmaal op school is het simpel: gewoon het mapje legen door die zaken aan de juiste personen te bezorgen. Meestal verdwijnen die dingen dan in de vakjes in de leraarskamer. Wanneer ik op weg naar het werk een brievenbus passeer, heb ik meteen ook alles bij wat gepost moet worden. Het doel is om dat mapje elke dag geleegd te krijgen voor ik thuiskom.
  • Losse papieren die ik gewoon bij me wil hebben: een kopie van mijn lesrooster, een overzicht van de klastitularissen, een paar vellen kladpapier en een overzichtsblad met interne telefoonnummers.
  • Evenveel schutbladen als ik klassen heb, in volgorde van leeftijd, van jong naar oud (van het eerste tot het zesde). Achter elk schutblad zitten er respectievelijk eerst het jaarplan (verplicht) en dan de werkblaadjes in chronologische volgorde, gaande van 'een paar weken geleden' tot 'binnen een paar weken'. Tussen die werkblaadjes zitten de lesvoorbereidingen, de taken en de toetsen, ook chronologisch. De lesvoorbereidingen maak ik meestal in het weekend met een simpel tekstprogramma (vertrekkend vanuit een sjabloon). De dag zelf schrijf ik er de datum op, maak ik er notities op en gebruik ik het als apart 'stuffbakje' voor die specifieke klas. Te verbeteren taken en toetsen steek ik er los tussen. Eenmaal thuis overloop ik de voorbije dag, verwerk ik mijn notities en beslis ik wanneer en waar ik die taken en toetsen zal verbeteren. Is er genoeg tijd voor en heb ik er zin in, dan verbeter ik ze meteen.

Dat is het zo ongeveer. Ik probeer zo weinig mogelijk papier heen en weer te sleuren. Ik kan over nog heel wat zaken uitweiden, maar dat is voor later. Ondertussen ben ik benieuwd naar hoe anderen het doen. Heb je vijf minuutjes? Laat dan een opmerking achter of
stuur me een e-mail en deel met de wereld hoe jouw verhuismap en/of boekentas gevuld is.



OP TIJD OP SCHOOL

Gevonden op www.tvklasse.be. Zelf heb ik geen kinderen, maar ik heb de indruk dat 99% van mijn collega's daar wel voor gekozen heeft. Dit is een tip die hen misschien kan bekoren.



Op tijd op school


VIJF TIPS VOOR EEN RUSTIGERE SCHOOLDAG

Deze tips vond ik op www.uitdeklas.nl, een schitterende blog over de praktische aspecten van werken in het onderwijs. Klik op de links om meer te lezen. Ze zijn zeker de moeite waard!

Tip 1: Ruim je bureau op. En de rest ook.
Tip 2: Kom eerder naar school.
Tip 3: Alles heeft zijn eigen plek.
Tip 4: Doe iets leuks met de klas: vijftig tips om de sfeer te verbeteren.
Tip 5: Beslis meteen.


BALPEN BIC, VIER KLEUREN

Om 2010 goed in te zetten gooi ik het over een andere boeg. Vanaf nu worden de posts persoonlijker. Het is niet gemakkelijk om elke week op de proppen te komen met nieuwe interessante lifehacks, dus nodig ik meteen alle geïnteresseerden nog eens uit om me hun eigen ideeën, tips en trucs te e-mailen.

De eerste lifehack van dit jaar is een heel voor de hand liggende. Namelijk de balpen van BIC met vier kleuren. 'De gewone balpen' bestaat al sinds 1938 en was op het vlak van efficiëntie en tijdsbesparing een enorme vooruitgang. Mensen hoefden zich niet meer druk te maken over vlekken, scheurend papier en onstabiele inktpotjes. De uitvinder ervan merkte op dat drukinkt veel sneller en zonder uitlopen droogde, waardoor het papier vlekkeloos bleef. Die inkt was echter onbruikbaar in een gewone vulpen. De balpen zoals we die nu kennen beschikt over een kogeltje aan het uiteinde van de pen dat draait tijdens het schrijven en daarbij een inktspoor achterlaat op het papier. Tegelijkertijd sluit het het inktreservoir af van de buitenlucht, zodat uitdroging en lekkage worden vermeden.

een simpele lifehack

Nu zijn we al zo gewend aan balpennen dat we er zelden bij stilstaan hoe handig die dingen eigenlijk zijn. Je vindt ze overal. BIC verkoopt bijvoorbeeld nog elke dag zo'n 14 miljoen balpennen, in 160 landen! BIC's grootste bijdrage vind ik echter de vierkleurige balpen. In het begin van dit schooljaar had ik een tiental groene, rode en blauwe pennen die ik constant uit het oog verloor. Ik vond ze terug in broekzakken, jaszakken, rugzakken, in cursussen, enzovoort. Ik vond het aanvankelijk een goed idee om overal pennen te leggen, in de hoop dat de chaostheorie me op elk moment een geschikte balpen zou doen terugvinden. Helaas, een voor een kwamen ze terecht bij collega's, leerlingen, in lege klaslokalen en onder de passagierszetel van mijn wagen. Een pennenzak heb ik al helemaal niet, want dat biedt volgens mij geen soelaas. Dat ding kan je ook verliezen en wie garandeert me dat ik die balpennen telkens op dezelfde plaats terugleg? Het lijkt me overbodige ballast in mijn rugzak.

De oplossing voor mijn 'probleem' lag zo voor de hand dat ik het eerst niet opmerkte. Mijn vriendin gebruikt het al maanden, mijn vader al jaren, ... die vierdelige balpen, natuurlijk! Eén in de binnenzak van mijn jas voor vergaderingen, lessen en G.On-begeleidingen, de tweede op mijn bureau, naast de computer. Ik heb die dingen nu al twee maanden en ik weet altijd precies waar ze zijn. Nooit zit ik nog zonder inkt! Blauw, groen en rood voor de dagdagelijkse schrijf- en verbetertaken. Zwart gebruik ik zelden.

Zoals gezegd, een simpele lifehack, maar eentje die misschien wat ondergewaardeerd wordt. Ik kocht ze in de Standaard Boekhandel in Oostende, maar je vindt ze bijna overal, als je ze zoekt...

http://www.refdag.nl/oud/series/uitgedacht/010109weet02.html (geraadpleegd op 3 januari 2010)
http://nl.wikipedia.org/wiki/Balpen (geraadpleegd op 3 januari 2010)


HET UITWISBORDJE


Het uitwisbordje



PAPIERLOOS ONDERWIJS?

Papierloos werken we wellicht nooit, zeker niet in het onderwijs. Je kan echter wel proberen om het tot een minimum te beperken. We moeten onze kijk op papier veranderen. Voor je iets afdrukt, ga even na of het echt wel nodig is. Is het echt nodig om die e-mail af te drukken? De medewerkers van www.treehugger.com sluiten elke e-mail af met deze zin: ‘Eco-tip: Printing e-mails is usually a waste’. Dat kan nogal prekerig lijken, maar soms hebben we prekers nodig om ons in de goede richting te sturen. Mensen sturen sowieso al tonnen e-mail, die e-mails dan nog eens afdrukken is echt geen goed idee.

Het heeft een tijdje geduurd, maar PDF is de wereldwijde standaard geworden om documenten op te slaan en te bekijken. De afkorting zegt het zelf: portable document format. In het onderwijs worden heel veel documenten uitgewisseld. Waarom niet proberen om dat zoveel mogelijk digitaal te doen? Een Word-document als bijlage meesturen is schering en inslag, maar niet iedereen werkt met dezelfde tekstverwerkers. Er bestaan ook verschillende versies van Word en niet iedereen kan eender welk Word-bestand openen en lezen. Microsoft is daar duidelijk in de fout gegaan. Iedereen kan echter wel pdf-bestanden lezen. Als je dat niet kan, download dan een gratis programma zoals
Acrobat Reader of Foxit Reader.

Er bestaan uiteraard nog andere manieren om te besparen op papier: de twee kanten van een blad bedrukken, de achterkanten van oud papier bedrukken voor persoonlijke documenten, enzovoort.

COSTA, D., Three Steps to the Paperless Office. PCmag. 27 maart 2008, s.p.



OVER AUTEURSRECHTEN

Dit stukje tekst valt voor sommigen niet onder het begrip ‘lifehack’. In het onderwijs wordt er echter heel wat gekopieerd. Daar kan je als leerkracht wel eens door in de problemen komen. Niet de hele wetgeving wordt hier samengevat, alleen die dingen die jou als leerkracht kunnen aanbelangen.

Auteursrecht is uitgesteld loon. Een auteur - schrijver, tekenaar, fotograaf, software-ontwikkelaar - verwerft geen inkomsten tijdens zijn ‘arbeidsproces’, maar wel op het ogenblik dat zijn of haar werk in de openbaarheid komt. De enige voorwaarde voor auteursrecht is dat het werk een uiting is van de persoonlijkheid van de auteur. Een zuivere kopie of een elementaire samenvatting (waarbij er geen sprake is van eigen creatieve inbreng) worden dus niet auteursrechtelijk beschermd. De herinterpretatie van een bestaand werk kan echter wel in aanmerking komen. Het auteursrecht vervalt na zeventig jaar. Let op: als je een knappe foto vindt van de Mona Lisa, betekent dat niet dat je die zomaar mag publiceren. Voor een foto geldt het auteursrecht van de fotograaf die de foto maakte. Neem die foto dus liever zelf. Nog eens opletten: als je geen foto’s mag maken in een museum, dat toch doet en dan een van die foto’s op het net publiceert, dan kan het museum je vervolgen voor het maken van illegale foto’s.

Het basisprincipe is dat je alleen reproducties mag maken mits toestemming van de auteur, tenzij je de kopie strikt voor privégebruik maakt of je de reproductie maakt voor onderwijs of wetenschappelijk onderzoek. In dat laatste geval moet het gebruik vallen binnen de niet-winstgevende doelstelling van de school. De reproductie mag dan ook geen afbreuk doen aan de ‘normale exploitatie van het werk’.

Je mag dus in de klas kopieën uitdelen of tonen van
De denker van Rodin, een gedicht van Herman de Coninck, een fragment uit Kartonnen Dozen van Tom Lanoye, maar je mag niet de volledige dichtbundel of roman gekopieerd uitdelen. Binnen de wet op het reprografierecht betaalt de school hiervoor een vergoeding via de belasting op fotokopieën. De fragmenten publiceren op een schoolwebsite mag enkel als daarvoor toestemming is verkregen of auteursrechten zijn betaald.

Het gewoon vragen is het gemakkelijkst. Vraag gewoon of je een foto, reproductie of citaat uit een werk mag publiceren op je website. Heel vaak wordt dit positief beantwoord en mag het gratis of tegen een fractie van de prijs. Veel auteurs en organisaties zijn heel welwillend tegenover het onderwijs. Het is dan wel van belang dat je duidelijk maakt dat de overname een strikt didactische bedoeling heeft.

Teksten zijn enkel honderd procent veilig als je zelf de auteur bent. Het kopiëren van een bestaande tekst impliceert uiteraard niet dat je zelf de auteur van de tekst wordt. Het doet er niet toe hoe lang hij is - een slogan, enkele regels of verschillende pagina’s. Wanneer je iets overneemt, doe dat dan als een citaat en zorg voor een correcte bronvermelding, ook wanneer je de teksten parafraseert. Het doet er ook niet toe of op welke informatiedrager de tekst aanvankelijk geplaatst werd.

Als je zomaar een foto downloadt, kopieert of inscant, loop je altijd het risico dat je een copyright schendt. Bij foto’s schuilt dan nog eens een extra addertje onder het gras. Je hebt niet enkel de toestemming van de auteur nodig, maar in sommige gevallen moet je ook de toestemming krijgen van de auteur van het gefotografeerde voorwerp of van de persoon op de foto. Net zoals bij teksten is het ook belangrijk dat je de bron vermeldt, zelfs als je de foto bewerkt hebt met een beeldverwerkingsprogramma.

Wees ook voorzichtig met voorbereidingen of verslagen van studiereizen die je als leraar online zet. Heel wat monumenten of beeldhouwwerken vallen onder de wet op het auteursrecht. Een voorbeeld in eigen land is het Atomium. Als je een foto van dat gebouw op je website plaatst, moet je auteursrechten betalen aan SABAM. Als school moet je ook opletten voor webpagina’s die je leerlingen laat maken. Als je die laat publiceren onder de domeinnaam van de school, dan is de school verantwoordelijk voor wat erop staat. Dat geldt ook als je werkjes van leerlingen online zet opdat de ouders ze kunnen inkijken.

Een elektronische leeromgeving, zoals Smartschool, is echter een uitzondering. Het is een afgeschermde omgeving waar de buitenwereld geen toegang tot heeft. Het is alleen toegankelijk voor leraren en leerlingen met een gebruikersnaam en wachtwoord. Als je daar een foto van een kunstwerk publiceert om daarmee het lesonderwerp te illustreren, gaat het om lesmateriaal. Dat is dan een strikte onderwijsaangelegenheid, zoals je een reproductie op papier afdrukt om je les te illustreren.

Films en muzieknummers worden naar hartelust gekopieerd. Wat is niet strafbaar?
  • Een cd/dvd kopen en daar een kopie van maken voor eigen gebruik;
  • Muziek downloaden van een website van een muziekgroep waarop staat dat je toestemming hebt om dat gratis te doen;
  • Zelf muziek downloaden van een legale muzieksite of een website met licentierechten en daar een vergoeding voor betalen. Daar mag je dan ook een kopie van maken voor persoonlijk gebruik.

Wat is strafbaar?
  • Een cd/dvd kopen, kopiëren en verkopen;
  • Zelf tegen betaling muziek verspreiden die je gratis downloadde van de website van een muziekgroep;
  • Muziek downloaden van een illegale muzieksite;
  • Muziek downloaden van een legale website, kopiëren en verkopen.
Natuurlijk heb je als leraar ook zelf auteursrecht op de teksten en kunstwerken die je zelf thuis creëert en zelfs op die die je in de opdracht van de school maakt. De school heeft wel het auteursrecht op softwaremateriaal dat binnen de schoolmuren of in opdracht van de school tot stand komt. Andere scholen mogen vrij gebruik maken van dat materiaal als je er dit aan toevoegt: Dit document mag enkel gekopieerd en gewijzigd worden voor niet-commerciële educatieve doeleinden en enkel met opname van deze verklaring. Reproductie, wijziging en verdeling van dit document is niet toegelaten zonder de instemming van de auteur.

DE CRAEMER, J., POOT, J., Veilig online. Tips voor veilig ICT-gebruik op school. Afdeling Beleidscoördinatie Onderwijs, 2007, 84 p.





WARME LAPTOPS

Je kan, dankzij allerlei online diensten, overal beschikken over je documenten. Dat is gemakkelijk als je een laptop hebt. Misschien werk je wel graag vanuit een luie zetel in de lerarenkamer. Of in het park. Meestal zet je dan de laptop op je schoot. De meeste laptops warmen echter al snel op tot de warmte bijna ondraaglijk wordt. Een kort bezoekje aan een houthandel in de buurt kan dit probleem voor jou oplossen. Laat een plankje zagen, of zaag het zelf, op maat van de onderkant van de laptop. Leg het plankje in het vervolg op je schoot en zet de laptop daarop. Zo warmt die al veel minder snel op.

hot laptop

Als het koelingsysteem van de laptop niet naar behoren werkt, kun je altijd een laptoprekje kopen. Die dingen zijn echter redelijk duur en er bestaan andere oplossingen voor. Twee wijnkurken, bijvoorbeeld, kunnen ervoor zorgen dat ook de onderkant van de laptop sneller afkoelt.
warme laptop
Zelfs een simpele ringmap kan al soelaas bieden.
hete laptop

http://lifehacker.com/369689/top-10-diy-laptop-stands/ (geraadpleegd op 20 augustus 2008)



KRIJTBORD OF SMARTBOARD?

Hier vind je een interessante discussie over de voor- en nadelen van de zogeheten whiteboards en digiborden. De opstarttijd van een ouderwets krijtbord is nihil, maar de mogelijkheden van een digitaal bord zijn dan weer legio. Een andere getuigenis over het gebruik van een Smartboard vind je hier.

EEN EIGEN BORDENWISSERKLOPPER MAKEN

Op www.lerarenforum.be deelde Koen Peeters deze lifehack.

bordenwisser


TEKSTEN OVERSCHRIJVEN

Ooit al lange teksten uit een map willen overschrijven? Die map ligt dan naast je toetsenbord terwijl je typt. Ondertussen wend je je hoofd honderden keren, je ogen houdend op de tekst op papier en de tekst op je scherm. Niet alleen veroorzaakt het nekpijn, het is gewoon ook heel vervelend. Bedenk een systeem waarmee je het papier naast het scherm kan hangen. Veel meer dan een staand lampje en een wasknijper hoeft dat niet zijn.

Afbeelding 1

Soms wil je tekstfragmenten gebruiken uit een boek. Dunne boekjes kun je gemakkelijk openleggen, maar bij dikkere boeken slaan de pagina’s gewoon vanzelf om. Twee simpele klemmetjes kunnen je heel wat leed besparen. Dat is ook heel gemakkelijk wanneer je je handboek open wil houden tijdens de les.

Afbeelding 2



NIETEN ZONDER NIETJES

Geen nietjes meer? Dankzij dit trucje kan je papieren aan elkaar bevestigen zonder een nietjesmachine.

Afbeelding 1

Leg de papieren op elkaar en vouw de linkerbovenhoek in een klein driehoekje. De langste zijde van de driehoek zou zo’n vijf centimeter moeten zijn.
Afbeelding 2 Afbeelding 3

Draai de stapel om.
Afbeelding 4

Knip twee keer naast elkaar met ongeveer een centimeter tussen.
Afbeelding 5

Vouw het lipje als volgt.
Afbeelding 6

Hef het lipje op en maak onderstaande holle ruimte.
Afbeelding 7

Druk de top van het lipje naar beneden.
Afbeelding 8

Vouw de twee helften naar beneden.
Afbeelding 9

Klaar! Nog een nietjestip: met de achterkant van je nietjesmachine kan heel gemakkelijk de twee ijzeren staafjes aan de achterkant van de stapel open plooien. Dat is ideaal als je de papieren slechts tijdelijk aan elkaar wilt bevestigen. Op die manier maak je ze snel weer van elkaar los.

Afbeelding 10

http://www.bloomize.com/how-to-bind-papers-without-staples-or-clips/ (geraadpleegd op 22 oktober 2008)
http://lifehacker.com/software/office-supplies/temporarily-pin-documents-with-you-stapler-301470.php/ (geraadpleegd op 5 november 2008)



GRAFFITI VERWIJDEREN

Wat doe je wanneer leerlingen hun boekje te buiten gaan en hun frustraties botvieren met hun alcohol- of viltstift? Je kan het door de poetsdienst laten schoonmaken, of je kan het de leerling zelf laten doen. Die tweede is uiteraard de meest aangewezen oplossing, maar stel dat het die leerling niet lukt, wat doe je dan? Doe wat tandpasta op basis van zuiveringszout op een doekje en het gaat er meteen af. Ook nagellakverwijderaar en isopropanol (isopropyl alcohol) klaart de klus. Doe dat uiteraard nadat de leerling er op heeft zitten zwoegen.

Schreef iemand per ongeluk met een permanent blijvende stift op je wit bord? Ga erover met de niet-permanente stift die je daar normaal voor gebruikt en wrijf het geheel weer schoon.

http://lifehacker.com/375986/remove-permanent-marker-from-any-surface/ (geraadpleegd op 12 oktober 2008)
http://lifehacker.com/software/whiteboard/erase-permanent-marker-from-your-dry-erase-board-176015.php/ (geraadpleegd op 12 oktober 2008)



OUDE STEMPELS HERGEBRUIKEN

Het is zonde als dingen ergens in een hoekje blijven slingeren. Tijdens het opruimen kom je dan wel heel erg interessante dingen tegen, dingen die je eigenlijk nooit meer gebruikt, maar waar wel goede toepassingen voor te vinden zijn.

Afbeelding 2

Zo kan je met de oude automatische adresstempels (die waar je de cijfertjes en lettertjes zelf met een pincet in moet schuiven) heel erg handige lifehackstempels maken. Stempels zijn in het algemeen een beetje voorbijgestreefd door pc’s en labelprinters. Ze kunnen echter wel handig zijn om snel wat standaardgegevens, voor bijvoorbeeld de GTD-methode, op een document, een post-it of een map te stempelen.
Hoe kan je dat doen? Door bijvoorbeeld de volgende gegevens in te stellen:

  • Gewenste Uitkomst
  • Eerstvolgende Actie
Een andere mogelijkheid is een stempel ontwerpen voor mondelinge evaluaties waarbij je telkens een nieuw blad gebruikt voor elke evaluatie. Dan kan je die bijvoorbeeld als volgt instellen.
  • Naam
  • Klas
  • Datum
  • Notities
Dat zorgt niet alleen voor uniformiteit binnen al je notities, het is ook gewoon leuk om het te gebruiken. Je kan het ook toepassen voor vergaderingen (datum, vergadering, notities). Ineens blijken deze stempels weer superhandig te zijn.

http://lifehacking.nl/kantoor-tips/hergebruik-je-oude-adresstempels/ (geraadpleegd op 15 november 2008)


KABELMANAGEMENT

Moderne mensen verzamelen heel wat apparatuur om zich heen. Leerkrachten doen dat ook. Als ze een vast lokaal hebben, werken ze zelfs aan twee bureaus. Als ze daarbij een laptop gebruiken en die telkens weer moeten aansluiten op een andere monitor of een projector, dan kruipt daar al snel veel tijd in.

Al die spullen verbruiken energie en hebben dus hun eigen stroomkabel en vaak ook nog een adapter. Bij computergebruikers is het aantal kabels nog veel groter, want die willen al hun losse apparaten koppelen en op de computer aansluiten. Ook het aantal apparaten waarmee we op stap gaan, groeit gestaag en die hebben elk hun eigen oplaadtoebehoren. De gemiddelde computergebruiker kijkt dan ook aan tegen een wirwar van kabels, snoertjes, adapters en verdeeldozen. Bij de meeste mensen liggen die achter de apparatuur of ze hangen onder de tafel. Daar wil je meestal niet naar kijken. Tijd voor kabelmanagement!

Kabelmanagement bestaat uit drie onderdelen:
  • De kabels opruimen die achter of onder je apparatuur en je bureau hangen;
  • De opladers en losse snoeren ordenen die je boven op je werkplek bij de hand wilt hebben;
  • De kabels selecteren die je als mobiele gebruiker nodig hebt.

Onder de tafel


Stap 1: Merk de kabels

Gok niet langer welke adapter en welke stekker bij welk apparaat horen: begin met alles te merken. Een simpele labelprinter betekent al een groot verschil. Druk elk etiket tweemaal af (monitor, projector, gsm, enzovoort), vind de kabel en kleef vervolgens één van die etiketten op de spanningskabel, dichtbij de stekker of op de adapter. Kleef het andere etiket op de verbindingskabel. Bevestig de etiketten zo dat je aan de ene kant kunt aflezen welk apparaat er aan de andere kant aangesloten is. Het etiket ‘monitor 1’ zit dus dicht bij de computer, terwijl het etiket bij de monitor naar de aangesloten computer verwijst. Dat is vooral handig als je monitor meerdere aansluitingen heeft of als je met meerdere monitoren of computers werkt. Het belangrijkste voordeel van het merken is dat je nu alle kabels kunt lostrekken, uit de war halen en weer moeiteloos kunt aansluiten.

Stap 2: Geef alles een plaats
Rond je computer nestelt zich een heel arsenaal aan apparaten die je zelden aanraakt, zoals een ADSL-modem, een router en externe harde schijven. Dergelijke spullen verzamelen stof op de vloer of nemen ruimte in op je bureau. Je kunt ze beter onder het bureau wegwerken.

Deze stap vergt wat voorbereiding: je moet naar de winkel om het één en ander te kopen. Je hebt kabelgoten nodig en materiaal om je apparaten vast te zetten. Het handigste is om alle spullen op een plaat te monteren. Neem hiervoor een gaatjesbord zodat je de apparaten op een eenvoudige manier vast en los kunt maken. Gebruik bijvoorbeeld klittenband. Dat kun je op een rol kopen met de haakjes aan de ene kant en het pluizige deel aan de andere kant. Een alternatief is een plaat waar je schroeven in draait om je apparaten aan op te hangen, maar dan moeten die wel schroefgaten hebben.

Afbeelding 2

Bevestig onderaan een flinke stekkerdoos zodat alle voedingskabels binnen de plaat kunnen blijven. Kies hiervoor een exemplaar met spanningsbeveiliging en een schakelaar, zodat je alles met één tik van je voet kunt uitzetten. Dat is ook goed voor de energierekening. Koppel bij voorkeur geen stekkerdozen aan elkaar, maar koop een exemplaar dat groot genoeg is om al je apparaten op aan te sluiten.

Stap 3: Snoerenrollades
Nadat alle apparaten zijn vastgezet steek je de stekkers erin. De snoeren zijn vrijwel altijd te lang. Bind ze in lussen samen. Zet de kabeltjes vast met klittenband of de bindertjes die toch al bij het snoer zaten toen je het apparaat kocht. Volg de natuurlijk buigrichting en maak elk bundeltje zo klein mogelijk en zet het vast op de plaat, maar trek de boel ook niet zo strak dat je kabelbreuken riskeert.

Bevestig desnoods kabelgoten onder je tafel om de snoeren in goede banen te leiden. Sommige bureaus hebben een voorgevormd gat waar je de kabels door kunt steken.

Op de tafel


Investeer in een goede, van stroom voorziene usb-hub met voldoende poorten om je apparaten op aan te sluiten. Verbind alle losse usb-kabels met de hub, zodat je je complete apparatenpark met het hub-snoertje op de computer kunt aansluiten. De hub zelf kan je eventueel onder je bureau kwijt op de gaatjesplaat. Hetzelfde geldt voor de harde schijven die je op je computer aansluit.

Bij opladers zijn etiketten extra belangrijk, want voor je het weet sluit je de verkeerde adapter aan en weg is je nieuwe gadget. Sluit alle adapters aan op een stekkerdoos met schakelaar, zodat je deze bron van sluipverbruik met één klik de nek om kunt draaien. Werk de doos met adapters vervolgens netjes weg zodat je alleen nog de kabeltjes (met etiketten) ziet.

Heb je ook zo’n la vol reservesnoeren waaruit je af en toe een netwerk- of usb-kabel pakt? Lege spindle-dozen van dvd’s of cd’s zijn prima te hergebruiken als kabelbewaarders. Het zijn de perfecte opbergplaatsen voor al die kabels die je maar af en toe nodig hebt. Je rolt alle snoertjes simpelweg op en je steekt ze in het deksel van de doos. Draai de bodem om en … opgeruimd staat netjes. Alle kabels zijn nu rond de centrale staaf gewikkeld. Het is een ideale manier om die verpakkingen niet zomaar weg te gooien en daardoor bij te dragen aan de afvalberg, plus je ziet meteen welke kabels in welke doos zitten.

Afbeelding 1

Kabelmanagement onderweg


Voorzie allereerst alle losse kabels van stukjes klittenband, waardoor je ze in opgerolde vorm vast kunt zetten. Plak ook nu weer etiketjes op de kabels en adapters. Bij elkaar gepropt in de donkere diepte van een tas lijken alle adapters op elkaar. Er bestaan ook kabeltasjes om je kabels overzichtelijk bij te houden (www.tucano.it).

VAN DER LINDEN, H., Van kabelspaghetti tot snoerenrollade. MacFan 77, juli/augustus 2008, p. 16-19.
http://www.decluttered.com/ (geraadpleegd op 29 augustus 2008)



EEN EIGEN WERKPLEK

Hoewel de medische wereld nog geen sluitend antwoord kan bieden op de vraag naar de psychosociale en fysieke gevolgen van computergebruik in de samenleving, is enige realiteitszin wel vereist. De invoering van ICT in het onderwijs ondermijnt de gezondheid van de Vlaamse jeugd niet. Fysieke risico's zijn enkel aan de orde als je overdreven lang voor de computer zit of als je voortdurend in een verkeerde houding werkt.

Overmatig en langdurig computergebruik of het aannemen van een foute houding aan de computer kan leiden tot RSI, 'Repetitive Strain Injury'. Het is een verzamelnaam voor klachten in nek- en schoudergebied, armen, ellebogen, polsen, handen en vingers. Vaak hoor je ook de term 'muisarm' voor de typische pijn, stijfheid en tintelingen bij mensen die urenlang computeren. Meer dan de helft van de RSI-patiënten slikt dan ook regelmatig pijnstillers. Volgens een onderzoek van de European Foundation for the Living and Working Conditions heeft ongeveer vijftien procent van de Belgische bevolking te kampen met RSI. Hier volgen enkele tips over gezond computeren.

Koop het juiste materiaal


De oorzaken van RSI liggen vooral in onaangepast meubilair en een slechte houding. Een in de hoogte verstelbare bureaustoel is al een stap in de juiste richting. De armleuning van de stoel komt op gelijke hoogte met de werktafel. Pas bij voorkeur de bureauhoogte aan. Is dat niet mogelijk? Sleutel dan aan de stoelhoogte. Als je dan je voeten niet meer plat op de grond kunt zetten gebruik je best een voetsteun. Stel de zitdiepte in zodat je een vuist kunt steken tussen de knieholte en de voorste rand van de zitting. Laat de stoel licht naar voren hellen, dat bevordert de natuurlijk kromming van de rug. Laat het onderste deel van de rug tegen de rugleuning steunen. Stel de rugleuning daarop in. Zorg dat de onderbenen verticaal op de grond rusten in een hoek van negentig graden met de bovenbenen. De voeten rusten op de grond. Zit niet met gekruiste benen of schuin gedraaid.

Zit recht voor het toetsenbord en plaats het tot acht tot tien centimeter van de rand van het werkblad. Klap de pootjes bij voorkeur in omdat je anders gemakkelijk teveel druk legt op de polsen.

Probeer tijdens het typen je polsen recht te houden en laat ze ‘zweven’ boven het toetsenbord. Buig de pols niet te ver naar achteren. Zorg ervoor dat de armen bij het typen voldoende steun hebben van het werkblad of je stoelleuning.
fg
In een ideale situatie kun je zowel bureaublad als bureaustoel (zitvlak én rugleuning) in de hoogte verstellen. Het bureaublad heeft minimaal een diepte van tachtig centimeter (honderd centimeter is ideaal) en een breedte van honderdtwintig centimeter. Het oppervlak heeft een lichte kleur.

DE CRAEMER, J., POOT, J., Veilig online. Tips voor veilig ICT-gebruik op school. Afdeling Beleidscoördinatie Onderwijs, 2007, 84 p.
http://www.rsi-vereniging.nl/ (geraadpleegd op 4 januari 2009)

Koop bij voorkeur een lcd-scherm. Dit type is minder belastend voor de ogen omdat het vrij is van vermoeiende flikkering. De oudere schermen, CRT-schermen, sturen een elektronenschaal naar een fluorescentiescherm om beelden te tonen. Dit schermtype is onderhevig aan flikkering omdat het beeld constant wordt 'ververst'. Als je toch zo'n scherm hebt, stel de vernieuwingsfrequentie ervan in op minimum zeventig Hertz. Dit doe je in Windows onder Configuratiescherm > Vormgeving en Thema's > Beeldscherm > Instellingen > Geavanceerd > Beeldscherm.

Een goed beeldscherm is draai- én kantelbaar. Zit recht voor het beeldscherm en plaats het vijftig tot zeventig centimeter van je ogen. De bovenzijde van het beeldscherm staat op ooghoogte. De kijkhoek is dan ongeveer dertig graden. Een grotere hoek kan nekklachten veroorzaken. Gebruik eventueel een monitorverhoging.

Je leest makkelijker donkere tekens op een lichte achtergrond (gebruik lichtgrijs als het scherm met wit te veel flikkering geeft). Zorg dat de letters voldoende groot zijn om makkelijk te lezen.

Kies bij voorkeur voor een optische lasermuis. Gebruik je toch een muis met een balletje? Reinig het dan regelmatig.

Een goede muis is niet te dik. Hoe dikker de muis, hoe meer de hand achterover buigt. Dat is erg belastend. Voor mensen met kleine handen is een polssteun een oplossing. Leg de muis dicht bij het lichaam en het toetsenbord. Hou ze in de hand in het verlengde van je onderarm, buig de pols niet achterover of naar links of rechts. Laat de zijkant van de handpalm op de muismat rusten. Leg de muis voor in de hand en laat de vingers ontspannen op de muisknoppen rusten (dus niet krampachtig erboven houden en niet knijpen).

Zorg voor een goede configuratie van de snelheid van de muisbewegingen en het dubbelklikken. Als meerdere muisbewegingen (optillen en opnieuw plaatsen) nodig zijn om de cursor over het beeldscherm te bewegen, dan is de muis te langzaam ingesteld. Staat de muis echter te snel ingesteld, dan schiet de cursor zelfs met de kleinste beweging al over het doel heen.

Werk je veel met een laptop? Plaats die dan op een verhoog. Als je een laptop gewoon op een tafel plaatst, is de lichamelijke belasting immers driemaal zo groot. Je kijkt dan in een te grote hoek naar beneden en je riskeert nekklachten. Als je regelmatig meer dan twee uur met een laptop werkt, overweeg dan het aanschaffen van een apart toetsenbord en een aparte muis.

Beperk de duur van het computergebruik


Vermijd om lang in dezelfde houding te zitten. Ga regelmatig opnieuw goed zitten op je stoel, want ongemerkt zak je tijdens het werk lichtjes onderuit. Las regelmatig een korte pauze in en loop even rond.

Prikkelende ogen, een wazig gezichtsveld, hoofdpijn, ... , allemaal symptomen van te lang naar een beeldscherm staren. Er bestaat zelfs een term voor de heel erge gevallen: CVS of computervisiesyndroom.


Je werkplek


Er zijn veel mensen die tijdens bureauwerk vage klachten hebben zoals hoofdpijn, nekpijn en vermoeidheid. De klachten verdwijnen zodra ze iets anders doen. Een goede zithouding kan al veel doen, maar soms ligt de oorzaak in de omgevingsfactoren.

Zo kun je bijvoorbeeld hoofdpijn krijgen omdat je tegen fel licht in zit te kijken. Als je beeldscherm voor het raam staat, ga je automatisch met je ogen knijpen om goed in het scherm te kunnen kijken.

Een koude luchtstroom van bijvoorbeeld airconditioning of andere ventilatie kan na een tijdje stijve spieren opleveren.

Je werkplek kan zo zijn opgesteld dat je onbewust voortdurend wordt afgeleid door langslopende gezinsleden. Dit gebeurt bijvoorbeeld wanneer je binnen je gezichtsveld de woonkamer of de keuken hebt waar altijd wel iemand iets staat te doen. Hou aan je bureau rekening met de volgende omgevingsfactoren.


Lichtinval. Zorg dat je monitor zo staat opgesteld dat er geen fel licht van achter het beeldscherm komt. Werk ook niet in het donker aan de computer, dat is ook vermoeiend voor de ogen. Bewaar daarnaast een afstand van zo’n vijftig à zeventig centimeter van het scherm. Plaats dat scherm voor zover het kan recht voor je, op een goed hoogte. Het licht van TL-lampen is zeker niet bevorderend. Het licht van zo’n lamp trilt en vanaf zo’n lamp ca. twee jaar oud is, kan men de trilling waarnemen en neemt de lichthoeveelheid langzaam af. Dat veroorzaakt bij een hoop mensen vermoeidheid en hoofdpijn. Naast dat is TL-verlichting het minst inspirerende en meest deprimerende licht dat je kan hebben in je werkplaats.

Temperatuur.
Niet te warm, niet te koud. Als je vaak koude handen hebt, kan dat ook te maken hebben met het aantal uren waarin je voor je computer zit. Omdat je bij het typen en muisgebruik de spieren in de onderarm zwaar belast, is een goede doorbloeding juist belangrijk. Het bloed zorgt ervoor dat er voedingsstoffen en zuurstof in de spieren komen en de afvalstoffen worden afgevoerd. Als de doorbloeding vermindert, kunnen de afvalstoffen in de spieren zich gaan ophopen waardoor spieren en pezen sneller verzuren en verkrampen.

Luchtstroming.
Ga niet in de tocht zitten onder een airconditioning of een ander ventilatiesysteem. Een koude stroming kan ervoor zorgen dat je je schouders optrekt en dat je spieren sneller stijf worden. Ramen sturen trouwens vaak een koude straling uit.

Afleidende zaken binnen je gezichtsveld.
Met een rustige achtergrond kun je je makkelijker concentreren op je werkzaamheden en word je minder snel moe.

Toetsenbord.
Stel het toetsenbord zo plat mogelijk op en laat voor het toetsenbord voldoende plaats vrij (tien tot vijftien centimeter) voor de steun van voorarmen en polsen. Stel de stoelhoogte zo in dat je wanneer je je voorarmen horizontaal houdt, deze zich ongeveer op de hoogte van het werkblad bevinden en je voeten plat op de grond kunnen rusten.

http://lifehacking.nl/kantoor-tips/vage-klachten-op-kantoor/ (geraadpleegd op 4 januari 2009)
http://www.interfysiek.nl/nieuwsbrief/nieuwsbrief22feb07/index.htm/ (geraadpleegd op 4 januari 2009)
http://www.vacature.com/art4114/ (geraadpleegd op 4 januari 2009)

Een opgeruimde werkplek is een opgeruimd hoofd


Je bureau is je startplaats voor je werkzaamheden. Daarom vind je hier tips om je bureau op te ruimen en te organiseren. Deze tips gelden zowel voor je bureau thuis als die die in je klas staat.

  • Ruim de pennen en potloden op die je niet gebruikt of niet nodig hebt. Je hebt aan twee pennen (een gewone en een rode of groene, naargelang je voorkeur) en één potlood genoeg. Zorg ervoor dat die extra pennen niet in het zicht liggen, of nog beter, gooi ze gewoon weg. Dat geldt zéker voor het schrijfgerief dat niet meer werkt.
  • Geef je oplaadstation een plek. Maak op je bureau of in een la een plekje waar je al je opladers hebt liggen van je telefoon, je PDA of ander elektronisch gerief. Zo heb je alles bij elkaar liggen en hoef je niet steeds op zoek naar de opladers.
  • Veelgebruikte items vlakbij leggen. Het is zo voor de hand liggend, maar hoe vaak worden bureaus ingericht op basis van esthetische waarden in plaats van op basis van handigheid. Zorg ervoor dat je de spullen die je vaak gebruikt het makkelijkst kunt pakken.
  • Een elektronica-vrij bureau. Modems, router, externe harddisk. Je gebruikt ze waarschijnlijk vaak, maar zorg ervoor dat ze buiten je directe beeld liggen of staan.
  • Documenten binnen handbereik. Hoge kasten en opbergsystemen voor documenten zijn mooi, maar het is handiger om je documenten op draai-afstand van je stoel te hebben. Zorg ervoor dat je voldoende lege mapjes hebt en een goede labeler om snel en eenvoudig nieuwe mappen te maken.
  • Scan je documenten. Het scannen en digitaal opbergen (én back-uppen) van belangrijke documenten kan een enorme ruimtebesparing opleveren.
  • Hou een notitieblokje bij de hand om te gebruiken als ‘ubiquitous capture tool’, heel handig wanneer er je tijdens een telefoongesprek, een kort gesprek met een collega of een leerling, iets te binnen schiet. Je kunt een en ander onmiddellijk op je computer noteren, maar een simpel schrijfblok of schrift en een pen werken vaak net zo effectief.
  • Verlichting. Zorg voor voldoende daglicht op je werkplek. Als dat lastig is, zorg er dan in elke geval voor dat je goede verlichting bij je bureau hebt.
  • Organiseer ‘as you go’. Het is efficiënter om gedurende de werkdag ervoor te zorgen dat je bureau opgeruimd en georganiseerd blijft dan te proberen aan het einde van de dag of de week alles op orde te krijgen. Pak het steeds klein aan en probeer je bureau opgeruimd te houden.


http://lifehacking.nl/kantoor-tips/10-tips-voor-een-opgeruimd-bureau/ (geraadpleegd op 4 januari 2009)



EEN BORDKALENDER

bordkalender

Deze uitwisbare schrijfoppervlakken bieden je een organisatorisch steuntje in de rug, zeker wat de klasorganisatie betreft. Je kan zoiets echter ook thuis gebruiken als een gezinsplanner.

Met wat bordverf kun je nu je eigen bord maken, zo groot als jij dat wil. Je vindt het in elke redelijk uitgebreide verfwinkel. De standaardkleuren die je in de winkel vindt zijn zwart en groen, maar tegenwoordig kan je zulke verf in talloze kleuren verkrijgen. Als je het goed aanpakt, beschik je over een hoogsteigen organisatiemiddel om de praktische zaken voor de leerlingen overzichtelijk te maken.

Je kan er bijvoorbeeld afspraken op noteren, zoals toetsen en deadlines. Naast de eigenlijke kalender kan je nog plaats maken voor korte notities, lijstjes en boodschappen. Organiseer dat dan in verschillende vakjes waaruit blijkt welk kleur je gebruikt voor welke klas. Hanteer dat kleurensysteem dan ook in de kalender zelf.

bordkal


Schrijf liever geen lesonderwerpen op de kalender, maar alleen belangrijke dingen. De lesonderwerpen schrijf je beter gewoon op het bord, waarna ze het meteen in hun agenda kunnen zetten. De klassieke manier, dus.

Zes rijen met vijf vakjes, zes schoolweken georganiseerd in vierkanten met verschillende tinten of kleuren om overzicht te bieden in wat de leerlingen te wachten staat. Waarom zes weken? Op die manier beslaat de kalender een maand plus een week. Zo hoef je niet om de drie à vier weken alles te herschikken, maar doe je dat telkens in het begin van elke maand.

Begin met een basislaag zwarte bordverf. Eventueel kun je zelfs een onderlaag van magneetverf aanbrengen zodat je het later ook kan gebruiken als magneetbord om er papieren en andere zaken aan te hangen. Magneetverf is in feite een acryllatex met een magnetisch bestanddeel. Hoe meer lagen, des te groter de aantrekkingskracht. Als je hiervoor kiest, zorg er dan eerst voor dat je een viertal lagen magneetverf aanbrengt vooraleer je de bordverf aanbrengt. Als je zo’n organizer niet ziet zitten, dan kan je er nog altijd voor kiezen om een bepaald oppervlak met magneetverf te bedekken en dat dan later met de gewone muurkleur te beschilderen. Zo beschik je over een onzichtbare magnetische strook.


De matte verf kan op verschillende ondergronden worden aangebracht (hout, staal, plamuur). Mix de zwarte bordverf in verschillende verhoudingen met witte verf om meerdere tinten te maken. Hoe meer wit, hoe lichter je de tinten van de verschillende vierkanten kunt maken. Je kan er uiteraard ook voor kiezen om de verf in de winkel te laten mengen of om meteen verschillende kleuren te kiezen, naargelang je persoonlijke voorkeur.

Je kunt het zelfs aan de binnenkant van kastdeuren doen om een overzicht te behouden van wat er zich allemaal in de kast bevindt of er zich in zou moeten bevinden. Begin met een latex verf in eender welke kleur. Hou het voor kleine oppervlakken, zoals een kastdeur, voorlopig bij één kopje.

Giet één kopje in een container. Voeg er twee lepels zandloos tegelgruis aan toe. Zorg ervoor dat je tijdens het mengen de brokken afbreekt. Breng de verf aan met een roller. Werk in kleine secties waarbij je meermaals over hetzelfde oppervlak gaat. Zo zorg je ervoor dat je een effen, dikke laag aanbrengt. Laat het nu drogen. Werk het verder af met licht schuurpapier. Wrijf het stof weg. Wrijf de zijkant van een krijtje volledig uit over het ganse oppervlak om het ‘klaar te maken’ om beschreven te worden. Maak het bord weer schoon met een bijna-droge spons (niet té nat).

http://www.marthastewart.com/article/make-custom-color-chalkboard-paint/ (geraadpleegd op 4 januari 2009)
http://www.nieuwsblad.be/article/detail.aspx?articleID=gcmhbpoe/ (geraadpleegd op 4 januari 2009)



OP TIJD GAAN SLAPEN

Ben jij ook iemand die vaak moeilijk kan stoppen met werken? Ben jij ook zo’n nachtmens die nooit op tijd in bed geraakt? Stel je gsm of je computer zo in dat er bijvoorbeeld elke dag om 22u of 23u een tekstje verschijnt met ‘relaxen en gaan slapen’, eventueel begeleid met een gezellig muziekje. Wanneer de wekker gaat, dan heb je een aantal keuzes: of je zet de wekker op snooze en werk je af waar je mee bezig bent of je stopt direct met waar je mee bezig bent en je zoekt ergens de rust op. Je kan ook eerst alles voorbereiden voor de volgende dag (handdoek in de douche op de verwarming, boterhammen smeren voor het ontbijt, vuilniszakken naar buiten dragen, de koffiebonen malen, je kleren klaar leggen, je kalender voor morgen bekijken, je tas klaarmaken, wat je wil). Zo’n moment zorgt ervoor dat je de dag met een gerust hart en een leeg hoofd kan afsluiten. Nog een voordeel: het is waarschijnlijk dat je de dag erna op tijd wakker komt en meteen kan beginnen aan een aangename ochtend.

http://lifehacking.nl/thuis-tips/schud-jezelf-af-en-toe-wakker/ (geraadpleegd op 16 november 2008)



VERGADERTIPS

"Ik kan mij mateloos storen aan ongeorganiseerde vergaderingen. Dat heeft vaak te maken met de voorzitter die de vergadering niet efficiënt, of misschien zelfs helemaal niet, leidt. Er wordt ‘geluld’. Mijn tijd is ook belangrijk. Ik wil zeker veel vergaderen, maar dan efficiënt. (...) Ik heb er wel een oplossing voor gevonden: ik ben van bijna alle vergaderingen die ik belangrijk vind, bijvoorbeeld studiekeuzebegeleiding, zélf voorzitter geworden. Een goede voorzitter ging weg, ik wilde het doen en de collega’s waren akkoord. (...) Ik vind die vergaderingen dan leuk, omdat ze efficiënt verlopen."


Uit interviews bleek dat leerkrachten veel belang hechten aan een krachtdadige leiding tijdens een vergadering. Ze stellen het vooral op prijs wanneer bij aanvang het doel van de vergadering heel duidelijk geformuleerd wordt.

Enkele tips bij vergaderingen:
  • Bepaal een duidelijke agenda met doelen en uitgangspunten.
  • Als je zelf een vergadering belegt, nodig alleen de personen uit die echt nodig zijn. Plan die vergadering dan ruim van te voren. Dat kan helaas niet altijd, maar zorg ervoor dat iedereen genoeg tijd heeft om voorbereidingen te treffen.
  • Kom niet te laat. Vergaderingen die niet op tijd beginnen, zijn echt storend. Vergaderingen die te lang uitlopen ook. Als je dus zelf de vergadering belegt, begin en eindig op tijd. Je gesprekspartners hebben vaak nog meer te doen.
  • Gesprekken die onder vier ogen gevoerd moeten worden, voer je best onder vier ogen. Er is niets vervelender dan wanneer twee personen tijdens een vergadering iets samen moeten uitzoeken. De rest zit er dan ook maar bij voor spek en eieren.
  • Hou je aan de onderwerpen. Vergader dus functioneel. Achteraf kan je altijd nog over koetjes en kalfjes praten.
  • Deze vragen veranderen de vergadercultuur in je school: Wat willen we bereiken? Tegen wanneer? Wat is de volgende actie en wie doet het? Begin nooit een vergadering met de vraag “Wie heeft een goed idee?”
  • Zijn de agendapunten die jou aangaan al gepasseerd? Of komen ze pas op het einde van de vergadering aan bod? Gebruik je laptop om te werken aan de zaken die voor jou op dat moment belangrijk zijn.
  • Vergaderingen beginnen bijna altijd te laat. Gebruik die extra tijd om het verslag van de vorige vergadering of andere documenten nog eens na te kijken.
  • Ken je de mensen niet? Maak een schets met de tafel en de stoelen, noteer de namen en enkele kenmerken (Kevin, 24 jaar, baard).
  • Leid je zelf een vergadering en merk je dat aan een van de tafelhoeken gekonkelfoesd wordt? Bereid je hierop voor door wat snoepjes in je tas te houden. Gooi de snoepjes in hun richting en profiteer van het spontane geknabbel om het gesprek weer naar je toe te trekken. Sommigen gaan zelfs zover om een toeter mee te nemen en op die manier de aandacht weer naar hen te trekken. Onorthodoxe methoden, maar ze werken!
  • Hou de vergaderingen al staande. Dat stimuleert de mensen om snel tot een oplossing te komen.

http://lifehacking.nl/kantoor-tips/10-tips-voor-een-effectieve-vergadering/ (geraadpleegd op 4 januari 2009)

"Ik heb liever dat er niet gegeten wordt tijdens een vergadering. De kans bestaat dan dat ze het als een café gaan beschouwen."






DE TADAAA-LIJST

Moderne technologie laat je toe om in betrekkelijk weinig tijd veel verschillende dingen te doen. Met een paar e-mails bereid je een vergadering voor, ondertussen bel je iemand om de printer in de klas te repareren, je krabbelt een paar aantekeningen voor een verslag dat je vrijdag moet inleveren, te typt snel een lesschema en zo gaat het de hele dag door. Maar wat huismoeders al jaren weten zijn kenniswerkers nu ook aan het ontdekken. Als je te veel verschillende dingen doet in te weinig tijd krijg je heel snel het gevoel dat je helemaal niets hebt gedaan. De dag is gewoon voorbijgevlogen. Net daarom is een TADAAA-lijst zo leuk: met een grote zwarte viltstift dikke strepen trekken over die dingen die je al gedaan hebt. Soms zetten mensen zelfs klusjes op de lijst nadat ze al gedaan zijn, alleen maar om ze gelijk weer weg te kunnen strepen.

Voldoening hebben in je werk is belangrijk. Kenniswerkers delen voor een groot deel hun eigen tijd in. Het is dan ook belangrijk om na te denken over hoe je jezelf gemotiveerd houdt. Even stilstaan bij alles wat je doet en wat je al gedaan hebt doet wonderen voor je eigen voldoening over die dag.

Het maakt eigenlijk niet zoveel uit hoe jouw TADAAA-lijst eruit ziet. Hier volgen enkele voorbeelden. Je kunt er uiteraard ook zelf verzinnen.
  • Neem een vel papier en schrijf in de loop van de dag alles op wat je doet.
  • Maak een filter voor je digitale Eerstvolgende Acties waar alleen je afgewerkte taken in komen te staan. Liefst gegroepeerd op datum, zodat je makkelijk kunt zien dat je vandaag negentien acties hebt afgestreept en gisteren vierendertig.
  • Hou een logboek bij per project. Maak gewoon een apart tekstdocument waar je voor een bepaald project elke dag aantekeningen in maakt over wat je hebt gedaan, hoe het gaat, hoe je je voelt, enzovoort.

TRAPANI, G., Upgrade your Life. Indiniapolis, Indiana, Wiley Publishing, Inc., 2008, 450 p.
OOSTERKAMP, T.J.,
Meereffect. AJ Doorn, s.n., 2006, p. 75-78.